
Gezien we enkele gedroogde maaltijden over hebben van onze haperende trip naar de Alpen, moeten we wel nog eens op stap gaan dit jaar. Alle smoezen zijn goed om Ivo te overtuigen een weekend de fiets op stal te laten staan.
Het is wel een puzzel om een bivaktocht uit te stippelen in het najaar in de Ardennen. Met chasseonweb is er eindelijk een overzichtelijke site voor wandelaars om na te gaan waar er drijfjachten georganiseerd worden, alleen blijkt die niet feilloos. Via Welcome to my garden vond ik enkele gezellige tuinen van sympathieke eigenaars om te overnachten.
Bivaktocht dag 1: Achouffe naar Bérismenil
Afstand: 21km, 749m stijgen en 638m dalen
Om kwart voor 9 trekken we de trailschoenen aan in bierdorp Achouffe. Het is nog stilletjes op de parking. Bij de start van onze driedaagse worden we meteen verrast door een affiche van een onaangekondigde drijfjacht. Gelukkig willen de jagers uitslapen, ze starten pas na de middag. Oef.

Samen met de kabbelende Ruisseau de Martin Moulin dalen we rustig af naar de Ourthe Orientale. Na de brug over de rivier stappen we wat onwennig het domein van Les Cabanes de Rensiwez binnen. De markering is samen met ons zelfvertrouwen even zoek. Maar er loopt wel degelijk een wandelroute de flank omhoog waar tal van blokhotten op houten palen gebouwd staan. Het zicht over de vallei is best de moeite.

De witte golfjes van de Eisleck trail leiden ons terug omlaag naar de Ourthe. Plots komen we veel dagstappers tegen. ’t Is herfstvakantie en de wandeling rond het Lac de Nisramont blijkt gigantisch populair te zijn. Terecht ook wel, een smal pad slingert langs de heuvelflank en biedt her en der ook mooie zichten, onder andere op de ‘confluence des deux Ourthes’ waar de oostelijke en westelijke tak samenvloeien. Pas als we de rechtstreekse doorsteek nemen naar de parking van de stuwdam, wordt het terug rustig.




Intussen breekt eindelijk de zon door. De herfstkleuren krijgen nog wat meer cachet en ook de warmte is welkom. Afwisselend lopen we langs de rivier en bovenop de heuvels. Rocher du Hérou brengt herinneringen naar boven. In 2004, jawel, twintig jaar geleden, trokken we voor onze eerste trektocht samen via de GR57 van Hotton naar Gouvy. Toen nog maar enkele maanden samen. Deze loodrechte markante rots was één van de hoogtepunten van onze tocht en blijft indrukwekkend.




Terwijl Ivo boven nog wat van het zicht geniet, daal ik voor de sport een rotsig pad via kettingen naar beneden af om dan behoorlijk hijgend terug omhoog te knallen (of tenminste tot mijn benen beginnen te verzuren). Iedereen zijn dada. Ik voel mijn energieniveau stilaan terugkomen, Ivo vraagt zich af waarom hij niet op zijn zadel zit in dit prachtige herfstweer.

Wat verder is het ook voor hem zweten geblazen als we de steile klim naar Bérismenil inzetten. Die komt in twee étages. Terwijl de Eisleck trail terug afdaalt naar de rivier, zoeken wij naar een kuitenbijtend paadje recht de helling op naar het dorp.
Zo lopen we richting de tuin van Anne die samen met haar man in Nadrin woont, beide zijn intussen ruim voorbij pensioenleeftijd maar nog actief en levendig. Vlamingen die de drukte van ’t stad ontvlucht zijn. We kunnen ze geen ongelijk geven. De stal voor de rammen die ze ooit kweekten, is intussen omgebouwd naar een schuilhutje voor bivakkers. We vangen de laatste zonnestralen op van de dag als we onze tarp neerpoten in het gras. Als bedanking heb ik een zakje cuberdons mee uit Gent.


Bivaktocht dag 2: Bérismenil naar Bonnerue
Afstand: 25,6km, 669m stijgen en 672m dalen
Via een beekvalleitje duiken we terug de Ourthevallei in. De bevers zijn hier erg bedrijvig geweest. Met hun scherpe voortanden hebben ze tal van boomstammen doorgeknaagd. Beverdammen blokkeren het water zodat de toegang tot hun burchten onder water staan en vijanden op afstand houdt. Eind de 19de eeuw waren de ‘castors’ uitgeroeid omdat ze geliefd waren voor hun bont, vlees en bevergeil (die vroeger medicinaal vb. in aspirine gebruikt werd). Maar eind jaren ’90 werden ze illegaal uitgezet door enkele ‘fans’ en de populatie groeit nog steeds.



Wat verder komen we uit op Le Cheslé, een voormalig Keltisch kamp uit de IJzertijd. Toegegeven, veel stelt het niet voor. De poging om de site te reconstrueren gaat wat op in het decors. Maar de uitzichten langs het pad rondom zijn wel echt de moeite om het ommetje te maken.





Na nog een klim doorkruisen we Maboge, voor ons als fietsers ook bekend voor zijn supersteile ‘Mur de Maboge’, met percentages tot 17%. Vandaag flaneren we over de ‘Plage’ van het dorp die in de zomer nogal wat badgasten trekt. Veel zand is er niet te bespeuren, het gras is er wel mooi groen.
Pas verder gaat het terug omhoog richting Hubermont. Het landschap opent zich. Bovenop het plateau wandelen we over verkeersluwe wegen tussen de koeien naar Nisramont. Gezien Ivo’s appetijt niet gestild geraakt met vederlichte mueslirepen, stappen we een donkerbruin café binnen voor pizza en cola.



Niet veel later zijn we terug aanbeland op de Promenade du Lac de Nisramont, deze keer ‘aan den overkant’. Fitte wandelaars en hijgende exemplaren, korte mouwen en dikke donsjassen, rugzakken en sjakossen, alles zien we passeren. De diversiteit is even groot als het aantal hondenrassen op de rondtocht. Enkel het gekrijs van kraanvogels doen onze gedachten even afdwalen. In V-formatie trekken ze van hun broedplaatsen zuidwaarts om te overwinteren.




Op de klim naar Engreux laten we met enige opluchting alle drukte achter. Via lange veldwegen stappen we rechttoe rechtaan over een licht golvend hoogplateau naar Bonnerue. De deur van de sympathieke Marie vliegt al meteen open. Soyez les bienvenus! Nadat we ons geïnstalleerd hebben, krijgen we lekkere pompoensoep van het huis aangeboden. Ik doe mijn reputatie alle eer aan als ik alweer stuntelig de gistvlokken uit mijn kom blaas.
De avond valt snel. Als we buiten op ons vuurtje het avondeten prepareren is het al donker. We lezen nog wat in onze slaapzak voor we het hoofdlampje uitknippen.



Bivaktocht dag 3: Bonnerue naar Achouffe
Afstand: 8,7km, 199m stijgen en 327m dalen
Een eenvoudig uitloopdagje zou het worden, dacht ik. We steken even door een loofbos door en kunnen zo snel een onverharde weg op. Wat verder komen we de Eisleck Trail tegen die ons terug naar de Ourthe brengt. Daar zou volgens Alpenvereinaktiv een paadje moeten liggen dat stroomopwaarts de rivier volgt maar het verdwijnt al snel de ‘brousse’ in. Ivo begint te mopperen maar blijft me volgen. Wat later ploeteren we door de modder en lijkt er geen doorkomen meer aan. Dan maar omhoog en de bosweg opnieuw oppikken.


Bij de volgende splitsing vinden we wel een mooi pad terug naar beneden, in rechte lijn naar het water, waar het…abrupt…stopt. Ik zie de bui al hangen. Geen brug in de buurt. Oeps. Alweer een typische conversatie ten huize De Scheemaeker-Sanders:
‘Ge wist dat er geen brug lag, hé!’
‘Ba nee, echt, ik wist dat nie!’
‘Ik geloof er niets van.’
‘Tja, we gaan er toch door moeten’.
‘En hoe diep is da?’
‘Geen flauw idee…’

Terwijl we onze lange broek uitdoen en onze schoenen voor alle zekerheid aanhouden, zien we enkele jagers uitstappen aan de overkant van de straat. Duidelijk iets van plan. Zorgen voor later. Eerst aan de overkant geraken. Er zit best wat stroming op, de stenen op de bodem zijn spekglad en het water komt tot aan mijn onderbroek. We nemen elkaars schouders stevig vast en schuifelen alternerend wat op. Intussen komt een jager een kijkje nemen wat die twee ‘tsjoolders’ daar nu eigenlijk aan het doen zijn.
We zijn de steile oever net terug opgeklommen of hij komt ons informeren dat er een jacht op til staat (alweer niet tijdig aangekondigd via chasseonweb). Maar als we snel zijn, lees: binnen de 10 minuten de helling op, dan mogen we nog het bos doorsteken. Wij dus in blote benen omhoog. Wandelen in onderbroek in de Ardennen, zelfs na al die jaren een nieuwe ervaring rijker. Voor de goede zede doen we ons lange broek toch maar weer aan voor we Achouffe binnenlopen. Maar best, want intussen is het dorp volgelopen met toeristen.



PRAKTISCHE INFO
BEREIKBAARHEID
Achouffe is bereikbaar met het openbaar vervoer, al is het wat omslachtig. Het is logischer om in Houffalize al te starten, dit verlengt de etappe van dag 1 met 4,7km, 77m stijgen en 71m dalen. Houffalize kan je met de bus bereiken vanaf het station van Luik. Je kan – als je wil – ook nog overstappen op een lokale bus van Houffalize naar Achouffe. Op dag 3 is de etappe dan ongeveer even lang als je rechtstreeks van Bonnerue de GR57 volgt naar Houffalize (en dus niet via Achouffe passeert). Zo vermijd je ook de rivierdoorsteek (8,3km, 132m stijgen en 257m dalen).
Wie met de auto komt, vindt in Achouffe een grote parking in het dorp. Kom ’s morgens op tijd want in de loop van de dag kan die parking vollopen met dagtoeristen. Parkeren in Houffalize kan in het centrum maar als er evenementen zijn (wat soms wel gebeurt daar) dan is die plaats soms afgesloten en zal je langs de weg naar het dorp moeten parkeren.
AANDACHTSPUNTEN
Als je in oktober, november of december op stap gaat, moet je zeker checken of er geen drijfjacht is. De meeste jachten worden tijdig aangekondigd, enkel in Achouffe is er nog wat huiswerk. Via Chasseonweb kan je dit tegenwoordig vlot doen. Je moet gewoon de gebruiksvoorwaarden goedkeuren en daarna de datum intikken waarop je wilt stappen. Dan zie je de zones die die dag afgesloten zijn, in het rood gearceerd op de kaart. Dit kan je vergelijken met de kaart van je parcours.
Als je onze route volgt terug tot Achouffe ga je een doorwading moeten doen. Begin november kwam het water al tot bijna aan de middel, en dat is best wel hoog (ik ben ongeveer 1m72 met vrij lange benen). We hadden elkaar ook nodig om de rivier over te steken door de sterke stroming. In de winter is het debiet en de stroming nog hoger, en is het bovendien ook nog eens kouder. Ik raad dus aan deze doorwading enkel in het latere voorjaar of de zomermaanden te doen en niet alleen.
KAARTEN
De route is uitgestippeld in Alpenvereinaktiv en (offline) navigeren deed ik via de app. Soms volgden we de Eisleck trial, af en toe lokale paden of niet gemarkeerde routes. Je kan de gpx (die ik al heb ‘opgekuist’) op de site van Alpenvereinaktiv downloaden.
Ik had ook volgende stafkaarten van het NGI (1:25.000) bij:
- 60/3-4: Houffalize
- 60/1-2: La Roche-en-Ardenne
Je vindt hier een overzichtskaart van de route:
OVERNACHTEN
We bivakkeerden in twee tuinen: die van Anne in Bérismenil (ze heeft de tuin wel offline geplaatst omdat het al kouder wordt en niet alle hikers daarop goed voorbereid zijn) en Marie in Bonnerue. De eigenaars kan je contacteren als je lid bent van het platform Welcome to my garden. Inzoomen op het kaartje en je ziet de tuinen staan. Een jaarabonnement kost 36 euro. In principe hoef je voor een overnachting niet te betalen, maar iets kleins en lekkers meenemen is altijd fijn natuurlijk.
BEVOORRADING
Nergens mogelijk. Als je afwijkt van de route vind je een bakkerij in Nadrin. En in Nisramont (halfweg dag 2) is een café waar je pizza en croques kan eten.
Plaats een reactie